HvA moet medewerker FBE schadevergoeding van 350.000 euro betalen

In een ontslagzaak met een medewerker van de Faculteit Business & Economie is 'ernstig verwijtbaar' gehandeld door de HvA, aldus de rechter.

De HvA moet een schadevergoeding van 350.000 euro betalen aan een (oud-)medewerker van de Faculteit Business en Economie. De hogeschool wilde het contract van de medewerker laten ontbinden maar heeft daarbij ‘ernstig verwijtbaar gehandeld’, zo luidt het oordeel van de Rechtbank Amsterdam. ‘Dit verdiende allerminst de schoonheidsprijs.’

Het gaat om een vrouw die al sinds 1994 werkzaam was voor de HvA. Tot en met 2022 werkte ze als Hoofd Onderwijsbureau bij de Faculteit Business en Economie, aan het eind van dat jaar werd ze benoemd als opleidingsmanager bij het cluster Finance & Accounting. Daaronder vallen de drie opleidingen Accountancy, Finance & Control en Finance, Tax & Advice.

Bij die opleidingen is het al jaren onrustig, zoals HvanA de afgelopen anderhalf jaar in meerdere stukken belichtte. Medewerkers meldden zich met klachten over sociale veiligheid, ook lag de werkdruk en het ziekteverzuim wel erg hoog. De medewerker om wie het hier gaat zou mede voor die problemen hebben gezorgd door te agressief en direct te handelen in haar team, waardoor haar positie eind 2023 onder druk kwam te staan.

Maar in het proces dat volgde handelde haar leidinggevende ernstig verwijtbaar, zo oordeelt de rechter nu. Door haar begin 2024, ‘op de dag na haar vakantie’ zomaar te schorsen en niet eerst de eigen opgestelde procedures te volgen, ‘heeft de hogeschool zich niet als goed werkgever gedragen’. De rechter veroordeelt de HvA daarom tot het betalen van een schadevergoeding van 350.000 euro, in een zaak waarin de vrouw zelf 1,3 miljoen euro had geëist.

De zaak
Aan het begin van de herfst van 2023 ontving de leidinggevende van het cluster F&A klachten over de medewerker. Ze zou te direct en agressief te werk gaan en voor een hoge werkdruk en een onveilige sfeer zorgen binnen haar team, door bijvoorbeeld met deuren te slaan.

Om negen uur ’s ochtends meldde haar leidinggevende dat haar positie ‘onhoudbaar was geworden’

Enkele maanden later, in november, één dag voor haar vakantie, ontving zij van haar leidinggevende een uitgebreide e-mail met alle beschuldigingen. De medewerker beloofde er tijdens haar vakantie over na te denken en het gesprek zou na de vakantie worden voortgezet, waarbij haar leidinggevende aangaf het item na haar vakantie verder op te pakken ‘met het doel om een oplossing te vinden.’

Maar op de eerste werkdag na haar vakantie kreeg ze plots te horen dat er geen plek meer voor haar was. Om negen uur ’s ochtends meldde haar leidinggevende dat haar positie ‘onhoudbaar was geworden’ en dat hij geen vertrouwen had dat de situatie binnen redelijke termijn zou verbeteren. Hij stelde dat ‘een steeds grotere groep binnen het cluster zich niet meer veilig voelt’ en adviseerde haar ‘zoveel mogelijk de regie te pakken door zelf aan te geven dat je wilt stoppen’.

Die signalen kwamen – zo stelt de rechter nu vast – van vier docenten, die zeiden namens dertien collega’s te spreken. Het hele cluster bestaat uit 75 docenten.

Onderzoek
‘Onbegrijpelijk’, vindt de rechter. Diens oordeel luidt dat ook in het vervolg ernstig verwijtbaar werd gehandeld. Zo werd negen maanden na het schorsen van de medewerker nog eens een onderzoek ingesteld naar de medewerker (zie ook dit artikel van HvanA), een procedure waaraan volgens de rechter ook het nodige mankeerde.

In een e-mail vroeg de leidinggevende van het cluster aan alle medewerkers om zich te melden over de persoon in kwestie. Advocatenbureau TeekensKarstens werd ingeschakeld om het onderzoek uit te voeren. Werknemers werden daarmee ogenschijnlijk ‘uitgenodigd om bewijs aan te leveren voor een ontslagprocedure, die na een schorsing van inmiddels negen maanden al vrijwel onvermijdelijk was geworden’, stelt de rechter nu vast.

‘Gesteld noch gebleken is dat de medewerker vóór 2023 niet goed functioneerde’

Het onderzoek verdiende überhaupt niet de schoonheidsprijs, aldus de rechter. Want er waren ook positieve verklaringen van medewerkers, maar die werden vervolgens niet meegenomen. ‘Ook lijkt in het geheel geen rekening te zijn gehouden met het gegeven dat wellicht ook sprake is van rancune in één of meerdere negatieve interviews.’

Uiteindelijk werd het onderzoeksrapport pas in februari 2025 opgeleverd, ruim een jaar dus nadat de medewerker al op non-actief was gesteld. Die kreeg volgens de rechter geen kans haar kant van het verhaal te vertellen, terwijl ze dertig jaar lang goed had gefunctioneerd. ‘Gesteld noch gebleken is dat zij vóór 2023 niet goed functioneerde.’

Afgerond
Deze zomer, in juni, vond de zitting plaats in de Rechtbank Amsterdam. Het oordeel van de rechter is afgelopen vrijdag online gepubliceerd. Het contract met de medewerker is ontbonden, zoals de HvA wilde, omdat sprake is van een verstoring in de arbeidsrelatie. Maar volgens de Rechtbank Amsterdam is een ‘billijke’ schadevergoeding aan de medewerker dan ook op zijn plaats.

De medewerker krijgt daarom 350.000 euro schadevergoeding van de HvA, waar ze zelf 1,3 miljoen euro had geëist. Daarnaast is er nog sprake van een transitievergoeding van bijna 92.000 euro, plus proceskosten van ruim 1.150 euro, waarmee het geheel op bijna vierenhalve ton komt.

Deel dit verhaal op je socials:

Het bericht HvA moet medewerker FBE schadevergoeding van 350.000 euro betalen verscheen eerst op HvanA.