Auteur: Copyburo

Groeistuipen

“Dit is mijn zus-je!” – iedereen die het in zijn hoofd haalt om haar zusje zonder verkleinwoord aan te spreken, wordt door onze kleuter gecorrigeerd. Ik ben groot en zij is klein. Voor jonge kinderen zij…

Plan B

Het is begin maart, en ik heb nog steeds geen stage gevonden. Het voelt scheef, vooral omdat ik alles heb gedaan wat je hoort te doen: op tijd starten, initiatief tonen en lijntjes blijven uitgooien. Nu heb ik een volle map met motivatiebrieven, maar een lege agenda waar ‘stage’ in had moeten staan.

Dus werd het plan B: keuzevakken. Terwijl de rest van mijn jaarlaag het pad van de studie Rechtsgeleerdheid verder bewandelt, kies ik een andere afslag. Momenteel volg ik namelijk een keuzevak van een andere bachelor (European Law School). Hier zijn de tutorials in het Engels, en dat voelt als vanouds. Op de middelbare school volgde ik tweetalig onderwijs. Het was voor mij dus de normaalste zaak van de wereld om het tijdens geschiedenis te hebben over “the industrial revolution” en bij biologie over “photosynthesis”, totdat ik op de universiteit overstapte naar het Nederlands. Het Engels bewoog steeds meer naar de achtergrond en werd iets dat ik alleen nog gebruikte wanneer ik sprak met mijn internationale vrienden. Pas toen ik zonder aarzelen mijn hand opstak en mijn punt maakte tijdens de eerste onderwijsgroep, besefte ik hoe erg ik het Engels gemist heb.

En niet alleen het Engels. In mijn nieuwe groep vragen studenten door en krijgen ze weerwoord, terwijl de stiltes in de Nederlandse werkgroepen naar mijn gevoel langer duren dan de discussies. Wanneer de tutor daar een vraag stelt, wemelt het van de ontwijkende blikken. In mijn internationale klas is discussie geen risico, maar meer een sport. Iemand uit Italië steekt zijn hand op, een Duitser bladert driftig in de wettenbundel en een Spaanse studente houdt een uitvoerig betoog. Hier zijn natuurlijk ook kleine vriendengroepjes, en is niet iedereen altijd even enthousiast. Maar toch is het verschil voelbaar. Ergens wringt dit ook, want door dit plan B ontdekte ik pas hoeveel energie ik haal uit deze manier van studeren. En dat tegen het einde van mijn bachelor. Het is alsof de ene onderwijsgroep een bruisend café is vol gesprekken, en de andere een bibliotheek waar iedereen fluistert. Misschien was die stage-afwijzing juist een blessing in disguise , die me motivatie geeft en me laat zien hoe leuk studeren kan zijn.

Britt van Cruchten, derdejaars rechtgeleerdheid