Het verhaal achter de wetenschapper die het Radboudlogo op zijn arm liet tatoeëren

Ivan Boldyrev kreeg een vaste aanstelling en liet het logo van de Radboud Universiteit op zijn onderarm tatoeëren om het te vieren. Geen ondoordachte beslissing want hij dacht er al een jaar over na. ‘Het verbaast me dat niet meer mensen dit hebben gedaan.’

Het bericht Het verhaal achter de wetenschapper die het Radboudlogo op zijn arm liet tatoeëren verscheen eerst op Vox magazine.

Kots en urine

Mijn studententijd ligt ver achter mij. Het waren de jaren tachtig, we hadden krakersrellen in Nijmegen, er waren nauwelijks banen, we betoogden tegen kernwapens, zaten veel in de kroeg en genoten ondanks alles van …

Goed nieuws voor het klimaat: methaanuitstoot van meren kan fors omlaag

Maar liefst de helft van alle methaan in de lucht is niet afkomstig van de industrie, maar van zoete wateren zoals meren en vennen. Promovendus Tom Nijman vond twee methodes die de uitstoot van het broeikasgas fors kunnen verminderen. Daar moest hij wel het Wylerbergmeer voor ‘nabouwen’.

Het bericht Goed nieuws voor het klimaat: methaanuitstoot van meren kan fors omlaag verscheen eerst op Vox magazine.

Blog Corstin: Opnieuw beginnen

Laten we even eerlijk zijn: de start van een nieuw jaar is niet alleen maar leuk en spannend. Na een vakantie waarin niet zoveel moet, is het toch weer wennen aan deadlines, studiehandleidingen, lesvoorbereidingen en vergaderingen. Natuurlijk is het er…

Borrelen om de teamspirit terug te krijgen

Wetenschapsbeoefening is de laatste jaren enorm veranderd. De stoffige wetenschapper, die achter z’n bureau verscholen zit achter een stapel boeken, bestaat al lang niet meer. De complexe problemen, waar we ook op de UM aan werken, vragen om een nieuw soort wetenschapper. Iemand die in een team, over de grenzen van de eigen discipline, in een dynamische omgeving grote problemen onderzoekt en naar een hoger niveau kan tillen. Overigens ook veel leuker om wetenschap in een team te doen.

Maar de pandemie heeft dat de afgelopen twee jaar veranderd. Thuiswerken, zoom-meetings werken in sommige disciplines uitstekend, maar in de experimentele wetenschappen heeft het een mentaliteitsverandering teweeggebracht. Vooral het werk in de ‘natte’ laboratoria, met de grote microscopen en met andere kapitaalintensieve infrastructuur is in mijn beleving verder weg komen te staan van het ideaal van team-science. Beperkte laboratoriumtoegang dwong jonge onderzoekers zich meer op hun eigen project, hun eigen experiment en eigen paper te richten. De teamspirit verwaterde en de weg terug naar ‘normaal’ blijkt langer dan gedacht.

In de eerste, vormende jaren in een promotietraject hebben sommige promovendi meer dan ooit hun eigen weg moeten vinden. Als coach van een aantal promovendi merk ik dat aan een toenemende onzekerheid en individualisme, soms zelfs vereenzaming. Dat proberen we te veranderen met teamuitjes, borrels en andere informele settings. Juist nu is het belangrijker dan ooit om de leuke, menselijke kanten van wetenschap te activeren. De congressen, en dan bedoel ik die waar je fysiek weer bij elkaar komt, niet de online varianten, blijken hierbij cruciaal. Overdag samen aan de wetenschap, ’s avonds aan de borrel en na een toevallige ontmoeting een nieuw idee uitwerken. Een opmerking van een promovendus na een groot internationaal congres hier in Maastricht: “Ik wist niet dat wetenschap zo leuk was!!” Wetenschap bloeit op met menselijke interacties en juist dat verbreedt je horizon.

In deze tijd waarin de wereld om ons heen snel veranderd moeten we zorgen voor zachte verbindingen in de harde wetenschap. Misschien volgend jaar ook maar een Inkom voor nieuwe UM-onderzoekers organiseren…. 

Ron Heeren, universiteitshoogleraar moleculaire beeldvorming